Er zijn van die momenten waarop iedereen zich wel eens afvraagt waarom het toch zo lastig is om dingen vol te houden, terwijl je ergens diep van binnen echt wel weet wat goed voor je is. Je weet dat je moet beginnen, dat je moet doorpakken, dat het uiteindelijk beter voor je is… en toch gebeurt het niet. Of in ieder geval: niet lang genoeg om er echt iets van te maken.
En op een gegeven moment ga je dat verklaren. Voor jezelf. Logisch ook, want je brein wil grip krijgen op wat er gebeurt. Dus je vertelt jezelf dat je blijkbaar iemand bent die snel afgeleid is, of iemand die moeite heeft met discipline, of iemand die nou eenmaal niet zo’n doorzetter is als anderen (smoes #14 uit Het Grote Smoezenboek).
Klinkt allemaal aannemelijk
Alleen zit daar een fundamentele denkfout. Niet omdat je jezelf voor de gek houdt, maar omdat je kijkt naar het resultaat en daar een identiteit aan koppelt, terwijl je eigenlijk kijkt naar iets dat veel minder vaststaat dan je denkt: namelijk gedrag dat je simpelweg heel vaak hebt herhaald.
En precies daar komt neuroplasticiteit om de hoek kijken.
Dat klinkt als een zwaar, wetenschappelijk begrip, maar in de basis betekent het niets meer dan dat je brein zich continu aanpast aan wat jij doet, denkt en ervaart. Elke keer dat je iets herhaalt, worden de verbindingen in je brein die daarbij horen een klein beetje sterker. Niet zichtbaar, niet voelbaar op dat moment, maar wel meetbaar en vooral: opbouwend. Dat betekent dus dat je brein niet vastligt, maar zich voortdurend vormt naar jouw gedrag.
Het probleem én de oplossing
Want als je eerlijk kijkt naar hoe de meeste patronen ontstaan, dan zie je dat het zelden begint met een bewuste keuze om iets “slechts” aan te leren. Niemand besluit op een ochtend dat hij voortaan structureel gaat uitstellen of zichzelf klein gaat houden. Het begint klein. Een keer iets uitstellen omdat het even niet uitkomt. Een keer kiezen voor gemak omdat je moe bent. Een keer niet doorzetten omdat het tegenzit.
Maar herhaal het vaak genoeg en je brein gaat het herkennen als een efficiënte route. En efficiëntie is waar je brein continu naar op zoek is. Niet naar wat goed voor je is, niet naar wat je doelen zijn, maar naar wat het minst energie kost op basis van wat het kent.
En dus ontstaat er langzaam maar zeker een patroon
Wat ooit een keuze was, wordt een gewoonte. Wat een gewoonte was, wordt een automatisme. En wat een automatisme is geworden, voelt op een gegeven moment als “zo ben ik nu eenmaal” (smoes #7 uit Het Grote Smoezenboek) Terwijl het in werkelijkheid niets anders is dan iets wat je heel vaak hebt geoefend.
Dat is misschien niet de meest comfortabele conclusie, maar wel een eerlijke. En belangrijker nog: het is een bruikbare conclusie, want als je brein zich vormt naar wat je herhaalt, dan betekent dat automatisch dat je het ook anders kunt trainen. Alleen niet op de manier waarop de meeste mensen het proberen.
Wat vaak gebeurt, is dat iemand op een bepaald moment besluit dat het anders moet en vervolgens de lat meteen zo hoog legt dat het bijna niet vol te houden is. Alles moet in één keer beter. Nieuwe routines, nieuwe gewoontes, nieuwe discipline. En een paar dagen, soms een paar weken, lijkt dat te werken, totdat het oude patroon zich weer aandient en het bekende gevoel terugkomt.
Zie je wel, ik kan dit niet
Maar wat daar eigenlijk gebeurt, heeft weinig met kunnen te maken en alles met hoe je brein werkt. Je probeert in één keer een compleet nieuwe route te forceren, terwijl de oude route al volledig geasfalteerd en vertrouwd is. Natuurlijk kiest je brein dan voor de weg die het kent. Niet omdat je zwak bent, maar omdat die weg er ligt.
De echte verandering zit daarom niet in grote, eenmalige acties, maar in iets wat een stuk minder spectaculair is en daardoor vaak wordt onderschat: herhaling op kleine schaal. Niet omdat klein beter voelt, maar omdat klein vol te houden is, en juist dat zorgt ervoor dat je nieuwe verbindingen in je brein opbouwt.
Elke keer dat je iets doet wat afwijkt van je oude patroon, hoe klein ook, leg je in feite een nieuw paadje aan. In het begin stelt dat weinig voor en voelt het misschien zelfs nutteloos, omdat het geen direct zichtbaar resultaat oplevert. Maar dat is precies hoe het proces werkt. Je brein verandert niet op basis van intentie, maar op basis van herhaling.
En ergens zit daar ook iets rustgevends in. Je hoeft niet ineens een ander persoon te worden. Je hoeft niet alles perfect te doen. Je hoeft alleen te begrijpen dat wat je vandaag herhaalt, de basis wordt van wat morgen makkelijker gaat. En dat betekent dus ook dat alles wat nu vanzelf gaat – goed of slecht – ooit begonnen is als iets wat je hebt aangeleerd. Niet omdat je zo bent. Maar omdat je brein precies heeft gedaan wat het hoort te doen: zich aanpassen aan wat jij het hebt laten oefenen.
De vraag is alleen of je daar nog steeds tevreden mee bent.